De volgende definities zijn er voor het woord zwommen
- meervoud verleden tijd van zwemmen Wij zwommen. Jullie zwommen. Zij zwommen. ▸ Vooral de orangerie van Potsdam maakte indruk, met al die vijvers waar zwanen in zwommen.[1] ▸ Vissen in alle kleuren en maten zwommen onder hem door of schoten weg in de spleten in de rotsen.[2] (bron: WikiWoordenboek)
Voeg een definitie toe.