zelfvertrouwen

De volgende definities zijn er voor het woord zelfvertrouwen

  • geloof in eigen vermogen, kunde of kracht Zijn zelfvertrouwen kreeg daardoor een flinke deuk.  ▸ De dagen daarna sliep ik steeds alleen, en langzaam maar zeker groeide mijn zelfvertrouwen.[3] ▸ Jezus! Waren ze plotseling allemaal miljonair? Wat verder de behoefte aan cashflow betrof, vervolgde directeur Solveig de presentatie met onverstoorbaar zelfvertrouwen, werden natuurlijk alle huurinkomsten overgeheveld naar rentekosten en herstelwerkzaamheden om het bedrijf niet te belasten met onnodige belastinguitgaven.[4] (bron: WikiWoordenboek)

Voeg een definitie toe.