uitnemendheid

De volgende definities zijn er voor het woord uitnemendheid

  • heel in het bijzonder Op zondag 1 februari 1953, de dag van de watersnood, was het verbod van kracht geworden om niet-ingeënt vee te vervoeren: „Veelzeggend, ook vanwege de zondag, de zondendag bij uitnemendheid”. [1]  (bron: WikiWoordenboek)

Voeg een definitie toe.