pikhaak

De volgende definities zijn er voor het woord pikhaak

  • (scheepvaart) (gereedschap) een haak op een stok waarmee men iets naar zich toe kan trekken, vooral gebruikt in de scheepvaart In de opgewonden drukte van het moment krijgen mijn emoties geen kans. Een halfuur later komt nummer twee een van de lichtvlekken ingedobberd. Deze ligt op zijn rug. Boegschroeven, zelfde manoeuvre, pikhaken. De jongeman, hooguit dertig, is niet verdronken, maar aan onderkoeling bezweken. Zijn gezicht is niet blauw, maar wit als een door de zon gebleekt bot. De twee stuurmannen, die een brevet EHBO hebben, beginnen als gekken aan de reanimatie. Stompen op de borst, kunstmatige ademhaling. We weten al snel waaruit zijn dodenmaal bestond: sla, vlees, frieten. Een kwartier, twintig minuten, een halfuur. Dan begint hij te verkleuren. Dood. We leggen hem bij zijn makker. Ik krijg braakneigingen, maar omdat ik al zo lang niets meer gegeten heb, blijft het bij kokhalzen. [1]  (bron: WikiWoordenboek)

Voeg een definitie toe.