De volgende definities zijn er voor het woord nabuur
- iemand die dicht in de buurt woont ▸ Niet voor niets heet de bouwcombinatie Noaber18: noaber zoals in het Twents/Achterhoekse begrip 'nabuur': de buurman met wie je verbonden bent in lief en leed. Hoewel veel Noaber18-medewerkers zich na voltooiing van de weg zullen terugtrekken, blijft de band deels bestaan: de aannemerscombinatie blijft de weg namelijk 25 jaar onderhouden.[3] ▸ „Diverse klankkleuren worden eruit gelicht”, legt streektaalconsulent Harry Nijhuis uit. „Daarnaast laat de kaart ook overeenkomsten zien tussen het Neder- en Angelsaksisch. „Bekend voorbeeld is het Twentse woord noaber (nabuur) dat sterk lijkt op het woord neighbour uit het Angelsaksisch taalgebied.”[4] (bron: WikiWoordenboek)
Voeg een definitie toe.