De volgende definities zijn er voor het woord mooiheid
- het mooi zijn Over een uurtje moet ik alweer inchecken op de luchthaven. Ik geniet nog gauw van een kop koffie en een stukje taart in de Kiasma-galerie. Het licht van de zon zet de eenvoudige mooiheid van het café nog kracht bij. [2] "Het is af, papa. Wat hebben wij een prachtig fort gebouwd, zeg. Ik val bijna flauw van mooiheid." Ik kijk naar hem en ik kijk naar mezelf. Toen ik vier jaar oud was, kauwde ik op punaises en rook ik aan brandnetels. Het woord 'mooiheid' leerde ik pas op mijn elfde of twaalfde kennen. [3] Inderdaad, het doet er niet toe of het jammer is dat de glazen melkflessen verdwenen zijn, of het woord ”schaften” bijvoorbeeld. Maar de foto is tijdloos mooi. Hoewel je dat van Mechanicus eigenlijk ook weer niet mocht zeggen. Als mensen iets mooi noemen, pleitte dat volgens hem meestal niet voor de foto. Een goede foto is de mooiheid voorbij. [4] (bron: WikiWoordenboek)
Voeg een definitie toe.