De volgende definities zijn er voor het woord kapsones
- (Jiddisch-Hebreeuws) (kouwe) drukte; in 'kapsones hebben': het hoog in de bol hebben, een overdreven hoge dunk van zichzelf. Wat heeft die vent een kapsones, zeg! ▸ Om ze haar pest en minachting telkens weer in het gezicht te kunnen spuwen. Blonde Kee en Witte Na konkelden mee, maar poekelden niet openlijk. Die grandige meid wel,... die beet en stak er tusschen haar schimpen, een geurig pennetje in den mond. Nee, nee, ze zou er onder, diep onder,... dat krenkende hart,... die niks deed dan kapsones maken tegen de jongens en ze den lodderigen kop door een tuimel slaan.[4] ▸ Maar de volgende week hadden we al in 't snotje dat de baas veel meer kapsones had als anders.[5] (bron: WikiWoordenboek)
Voeg een definitie toe.