godsvolk

De volgende definities zijn er voor het woord godsvolk

  • alle gelovigen Mozes verzuchtte toen er een discussie dreigde over wie wel en wie niet mocht preken: ware heel het godsvolk maar profeet. [2]  Even dacht ik: Dennis is getuige van Jehova geworden, hij is verloren voor deze wereld. Maar na de wedstrijd zag ik dat hij ook met zo'n Italiaans vijfdagenbaardje rondloopt en, hoe subtiel ook, dat is toch te modieus voor het godsvolk. [3]  Het verbond tussen God en zijn volk, tussen Christus en zijn volgelingen, wordt er beschouwd als een huwelijk. God is de bruidegom, de Kerk de bruid. Die Bijbelse relatie wordt ook uitgedrukt in het gewijde ambt. De ambtsdragers symboliseren de bruidegom die Christus is ten overstaan van het Godsvolk dat de bruid is. [4]  (bron: WikiWoordenboek)

Voeg een definitie toe.