De volgende definities zijn er voor het woord belezenheid
- het veel (boeken) gelezen hebben en daardoor veel kennis bezittend ▸ Pierre bewonderde in vorst Andrej altijd diens gemakkelijke omgang met allerlei slag mensen, zijn buitengewone geheugen, zijn belezenheid (hij had alles gelezen, wist alles en had overal verstand van) en bovenal zijn talent om te werken en te studeren.[3] ▸ Daarbij was hij volgens zijn zoon geen archiefrat: "De laatste keer dat hij een archief zag, was toen hij omstreeks 1960 werkte aan zijn dissertatie." Hij baseerde zich op literatuur en gebruikte zijn belezenheid om over geschiedenis te denken en erover te schrijven.[4] (bron: WikiWoordenboek)
Voeg een definitie toe.