allegaar

De volgende definities zijn er voor het woord allegaar

  • alles bij elkaar De 65-jarige schaatslegende had zich verkleed als Aris, een keuterboertje uit Aartswoud. Want die Skenk is niet zo'n groot redenaar. Die skuift liever mij naar voren, anders krijgen we van dat gesnotter en gestotter, zei Aris, die de skaatser als beste kent. Die Skenk was eigenlijk een verskrikkelijk luie hufter. Dat-ie ooit kampioen is geworden: ik begraip d'r helegaar niks van. Hij heb z'n hele leven zo allegaar veel mazzel gehad, dat wou ik nog wel effe zeggen. [4]  (bron: WikiWoordenboek)

Voeg een definitie toe.